Page images
PDF
EPUB

is onder alle de Stammen, is het ook een streek der
Vrouwen, wanneer zy eenig gefchil hebben met haare
Mannen, des gebruik te maaken als eene verschooning
voor eene afzondering voor zekeren tyd ; wanneer zy ,
zonder des eenige pligtpleeging te maaken, ('t welk haa-
Te bestendige wyze van doen is in zulke gelegenheden )
ter zyde van de tent waar zy zitten , uitkruipen ;
want, op zulke tyden is het haar niet geoorlofd den
gewoonen uitgang te gebruiken. Die gewoonte is
onder de Vrouwen zo algemeen , dat ik dikwyls waar-
nam, dat eenige deezer Vrouwen de Tenten verlieten
voor vier of vyf dagen , en dit spel drie of viermaalen
in ééne maand herhaalden ; terwyl de Mannen het be-
drog niet vermoedden , of, zulk een vermoeden hebbende,
de kieschheid hadden, om de zaak niet te onderzoeken.
Ik weet, dat MATONABBEE's schoone Vrouw, die hem
in May 1771 ontliep, op deeze Thun-nardy wyze, (ge.
lyk zy het noemen,) dat is afgezonderde wyze, onder dit
voorwendzel, verfcheide weeken leefde; doch, ten blyke
dat hy eenig kwaad vermoeden hadt, werd zy zorgvul.
dig bewaakt, om in haar gezelschap geen ander Man toe
te laaten.

By deeze Vrouwlyke omstandigheden heerscht onder de
Noord-Americaanen een optekenenswaardig bygeloof. Als
dan mogen de Vrouwen nooit op het ys van rivieren of
meiren komen, of naby aan die streeken, waar de Man.
nen Bevers jaagen, of hunne Vischnetten uitzetten ; vree-
zende dat dit de vangst zou stooren en benadeelen, Zy
mogen als dan ook niet eeten van den kop van eenig
dier, en zelfs niet wandelen over een plek gronds,
waar over onlangs de kop van

kop van eenig dier gedraagen of gesleept is. Zich schuldig te maaken aan de overtreeding, van een deezer Volksgebruiken , wordt voor eene zaak van het uiterst aanbelang gehou. den ; dewyl zy voor vast gelooven, dat dit het middel zou weezen, om den Jaager te beletten , in volgende Jachttochten een voordeelige vangst te hebben.

Dit armoedig Volk bewoont een zo weinig bewoonbaar gedeelte van den Aardbodem, dat zy, door mangel aan brandstoffe, menigmaal genoodzaakt zyn , alles raauw te eeten , bovenal in het Zomersaisoen. Maar vroegtydige gewoonte, en veelvuldige noodzaaklykheid, maakt dit by hun zo gewoon, dat zy, wel verre van des eenig ongemak te voelen, of 'er den minsten wederzin in te hebben, het

/

[ocr errors][ocr errors]
[ocr errors]

dikwyls uit loutere verkiezing doen, bovenal in het eeten van visch; zelfs dan, wanneer zy zo genaamd ze toebereiden , zyn de Visschen zelden doorwarmd. Te meermaalen was ik een van de party, die rondsom een versch gedood Rendier zat, en mededeed in het schoon af kluiven der beenen , wanneer my het meest raauwe vleesch zeer goed smaakte ; en, hoe vreemd het moge klinken, moet ik het zelfde zeggen van half raauwe visch. Zelf heden ten dage geef ik de voorkeuze aan Salm, enz. wanneer dezelve niet warm aan 't been is.

De verregaande armoede deezer Indiaanen, over 't algemeen, laat niet toe, dat zy koperen Ketels van de Compagnie koopen; weshalven zy zich steeds in de noodzaaklykheid bevinden om hunne oorspronglyke wyze van kooken te volgen, welke bestaat in hunne spyzen gereed te maaken in groote Vaten van boom · bast gemaakt. Naar. demaal deeze Vaten niet tegen het vuur bettand zyn , maaken de Indiaanen, om dit gebrek te gemoet te ko:

steenen gloeiend heet, werpen die in 't water, om 't zelve te doen kooken, 't welk van korten duur is; dan, door het steeds bywerpen van versch gloeiende steenen, kunnen zy het kooken, zo lang het noodig is, aan den gang houden. - Deeze wyze van kooken gaat met een zeer groot gebrek gepaard: de spyze, op die manier bereid, is vol zand; want de steenen, in dier yoege heet gemaakt, en dan in 't water gedompeld , Itaan niet alleen bloot om in stukken te schilferen; maar veele zyn van zo broos eene zelfstandigheid, dat ze, in de ketel gedaan, tot gruis verkruimelen, en de ketel met gruis vervullen, welk gruis zich met de spyze vermengt.

Zeer uitgebreid is de Landstreeke door de Noorder Indi. aanen bewoond, zich uitstrekkende van den 59 tot den 68 Graad Noorder Breedte, en van het Oosten tot het Westen is dezelve meer dan 500 Mylen breed. Ten Zuiden wordt die Landstreek bepaald door de Churchill. Rivier, ten Westen door de Athapuscow - Indiaanen, ten Noorden door de Dog-ribbed- en Copper · Indiaanen, en ten Oosten door Hudson's Baay.

Het land, door deeze geheele uitgestrektheid heen , is naauwlyks iets anders dan een groote klomp rots en steenen; op de meeste plaatzen zeer oneffen, 't geen, in 't Westlykst gedeelte, onder het houtgewas meest plaats vindt. De grond, wel is waar, is, op de meeste plaatzen, met een dun foort van mosch bedekt, doormengd met de

wor

wortels van de Weefa-ca-pucca, en eenige andere wei. nig beduidende gewassen en kruiden, doch, over 't algemeen, is 'er een volflaagen gebrek aan grond, in staat om iets voort te brengen, dan 't geen byzonder eigen is aan deeze Land- en Lugtstreeke.

OPMERKLYKE GEVALLEN EN FORTUINMAAKING VAN DEN LON.

DENSCHEN BOEKVERKOOPER JAMES LACKINGTON.

(Medegedeeld door den Heer REINIER ARRENBERG

Rotterdam.)

te

[ocr errors]

nder de voorbeelden van menschen, die van eene lage ge.

boorte en armoedigen toestand, door naarstigheid, aan. houdenden arbeid en zuinigheid , tot een beteren staat zyn gekomen en een groot fortuin gemaakt hebben, mag met recht geteld worden de vermaarde Engelfche Boekverkooper JAMBS LACKINGTON.

Dees zonderlinge man, die gehouden word de grootste boek winkel te hebben die 'er in Londen en mooglyk ergens in de wereld te vinden is, gaf in den jare 1792 een verhaal uit van zyne lotgevallen, onder den tytel van Gedenkschriften der eerste syftig levensjaren van JAMES LACKINGTON, tans Boekverkooper in de Chiswelstraat te Londen. Voor dat boek heeft hy zyn pourtret geplaatst, en daar onder geschreven: voor weinig jaren begon ik inyne zaken met vyf ponden , en nu verkoop ik honderd duizend boeken in een jaar.

Van zyue geboorte en opvoeding geeft hy het volgend berigt:

Ik werd geboren te Wellington in Somersetshire , den , 31 Augustus 1746. Myn vader, GEORGE LACKINGTON , was

een schoenmakers knegt, die, tegen het genoegen van myn grootvader , getrouwd was met myne moeder, wier eigen naam was JOHANNA TROTT. Zy was de dogter van een ar

wever in Wellington, een goed eerlyk man , wiens einde opinerklyk doch ongelukkig was ; hy werd op den sy weg, tusschen Taunton en Wellington, in eene foot, verdron

ken gevonden, en dewyl zyn aangezigt maar even met hec swater bedekt was, gistemen, dat hy dronken moest geweest

Dit gebeurde eenige jaren vóór het huwelyk van myn sy vader en inoeder.

Myn grootvader , GEORGE LACKINGTON, is een welgestelde boer geweest te Langford, een dorp twee mylen van Wela » lington: doch myn vaders moeder gestorven zynde, toen

[ocr errors]

men

32

» zyn.

[ocr errors]
[ocr errors]

9)

» myn vader maar dertien jaren oud was, bestelde myn groot. ý vader, die nog twee dogters had, myn vader by een Mr. » HORDLY, een meester schoenmaker in Wellington, met oog.

merk, om, als hy zyn ambagt geleerd had, hem in een winkel

te zetten ; doch myn vader, twee jaren als knegt gewerkt heb. 5. bende , vond goed een gemeen mensch te rouwen,

dic % geen duit in de wereld had , en de kost won met spinnen », van wolle kloenen. Uit dat huwelyk was ik de eerstgebo. » ren , de hoop van de familie , en kwam ter wereld in myn

grootmoeders Trott's arıne hutje, welke goede oude vrouw > my in stilte, buiten weten van myn vader, die, volgens

zyn voorouderlyken Godsdienst, een Quaker was, naar de kerk bragt om gedoopt te worden.

In het jaar 1750, toen myn vader reeds drie of vier kin. deren bad, eu myn grootvader zag, dat myne moeder zulk eene brave vrouw was, trok hy zyn misnoegen tegen baar in, en gaf aan myn vader geld om een winkel op te zetten ;

doch juist dit, het welk, in de daad, een groot geluk voor je hem en zyn huisgezin zou geweest zyn, werd voor bei, „ den het grootste ongeluk; want zoo dra myn vader zich in , betere omstandigheden bevond, geraakte hy aan 't drinken, u waardoor zyne zaken verliepen, 200 dat hy, na vele ver. »» geefsche pogingen van myn grootvader, om hem (taande te

houden, door zyn zwaar huisgezin, maar nog meer door », zyne geftadige dronkenschap, tot zyn vorigen staat van

schoenmakers knegt verviel : hy was zoodanig aan den drank verslaafd, dat doch de tranen van een vader, noch die van

eene vrouwe , hem 'er van konden afbrengen ; zoo dat ik ,, of myne broeders en zusters geene reden hebben om hem

in nagedagtenis te houden, of met genoegen aan hem te

denken ; maar aan myne moeder zyn wy alles verschuldigd. », Nimmer heb ik eene vrouw gekend, of 'er van gehoord, die

zoo bekrompen leefde en zoo hard werkte als zy, om hare elf kinderen op te voeden. Wanneer zy zwanger was, zat

zy nog een uur voor hare verlossing, en zelf wanneer men „ reeds om de vroedvrouw gezonden had, aan haar spinne, wiel.

Uit liefde voor hare kinderen , onthieldt zy zich van allen „ drank, water uitgezonderd; haar voedsel was meestal brood,

aardappelen, kool en kroten, en haren kinderen gaf zy nog het beste, maar egter niet ryklyk, gelyk meu wel denken kan.

Wanneer ik nog herdenk de hooggaande zorg en moeite , die deze waardige vrouw, met hare onnoozele kinderen, heeft uitgestaan , zou ik byna den man en vader verwenschen die hen in zulk een beklaaglyken staat van rampen en elen

de gebragt heeft, en het is nog droeviger 'er by te moeten os voegen, dat by, door zyne geftadige dronkenschap, zyne

da.

[ocr errors]
[ocr errors]
[ocr errors]
[ocr errors]

9

[ocr errors]
[ocr errors]

„ dagen niet ter helft gebragt heeft , en dat hy reeds vóó! ,, twintig jaren gestorven is, zonder door zyne eigen kinderen

betreurd te worden; ja dat meer is, terwyl de natuur tra. nen op zyn graf deed storten, hadden wy reden om dankbaar te wezen, dat de oorzaak van onze armoede en elende uit den weg was. Leest dit, onmenschelyke ouders, er beeft 'er van !

Ik was de oudste, en dewyl myti vader, in de eerste jaren, een naarstig werkman was, had ik het, in sommige dingen, beter dan myne broeders en zusters : ik ging twee

of drie jaren lang in een kinderschool, by eene oude vrouw, js en ik herinner my nog hoe trotsch ik was, wanneer ik ver

scheiden oude juffrouwen de oogen zag opheffen en de handen ineen saan, als zy my verscheiden kapittels uit het Nieuwe Testament, uit myn hoofd, hoorden opzeggen, en daar uit besluiten, dat ik een wonder van verstand moest

wezen. Dan myn letterkundige loop, was ras ten einde ; .. want myne moeder werd zoo arm, dat zy de magtige som

van twee stuivers 's weeks, voor myn fchoolgeld , piet konde opbrengen , boven en behalven dat ik, . als kindermeid , verscheiden van myne broeders en zusters moest oppassen ;

het gevolg hier van was, dat ik, in plaats van te leeren » lezen, alles vergat, het geen ik geleerd had. Ondertusschen į, werd myn grootste vermaak om in alle pluggestukken van de ,, jeugd den baas te wezen, en welhaast was ik het hoofd en

voorganger van al de jongens in de buurt. Indien 'er eene oude vrouw een lantaarn uit de hand geschopt , en 'er een venster of deur toegespykerd was, had ik 'er altyd den naam van, ofschoon ik het in waarheid niet gedaan had.

Ik was tien jaren oud, toen 'er een man by ons langs de straat begon te roepen: appeltaartjes te koop! en in die inanier van roepen en verkoopen van taartjes had ik zulk een behagen ,' dat ik het meende beter te zullen kunnen doen dan hy. Ik deelde die gedagten mede aan een bakker in

onze buurt, en die man vaite zulke goede gedagren op van » myoe bekwaamheid om met taartjes te loopen , dat hy aan

myn vader verzogt om my by hem te besteden. Myne ma. »j nier om langs straat te roepen, en de bekwaamheid die ik

in het verkoopen had, bragt my welnaast in de gunst van al de klanten die gewoon waren halve stuivers taartjes en poddingtjes te koopen, 200 dat de bakker, eenige weken daar na, met zyne broodbakkery uitscheidde. Ik bleef by

hem twaalf of vyftien maanden, in welken tyd ik zoo veel ,, taartjes, poddingtjes en kaakjes verkogt, dat hy dikwils, in » myn bywezen, aan zyne vrienden verhaalde, dat hy daar

door uit de bekommerlyke omstandigheden, waar in hy zich ,, bevond, toen ik by hem kwam , gered was geworden. „Gedurende den tyd, dat ik by den bakker woonde, kwa.

mer

[ocr errors]

او

[ocr errors]
« EelmineJätka »