Page images
PDF
EPUB

rekening. des tyds, volgens de opgegeevene jaargetallen in Genelis , zwaarigheden opdoen, waaruit de grootste scherpzinnigheid zich niet gemakkelyk weet te redden.

NIEUWE WAARNEEMINGEN AANGAANDE HET NUT. TIG GEBRUIK VAN DUIVELSDREK, MET OSSEGAL VEREENIGD, TEGEN HET MAAGZUUR. Door

den Heer Bergraad BUCHOLTZ, te Weimar. Toen ik in handen kreeg de Verhandeling van den

[ocr errors]

den in het Eerste Deel zyner Geneeskundige en Heelkundige Waarneemingen , was my dezelve zeer welkom dewyl my nog eenige lieden bekend waren, die de gewoone middelen, door den Heer RICHTER insgelyks te vergeefsch voorgeschreeven , zonder vrucht hadden gebruikt; en welke ik my vleide thans met het nieuwlings voorgesteld middel uit den Duivelsdrek en Ossegal te zullen kunnen geneezen.

De eerste, wien ik het genoemde middel gaf, was een Geleerde, oud tusschen de dertig en veertig jaaren, behebd met alle die toevallen, welke door RICHTER in het vyftiende hoofddeel van het gemelde werk worden opgeteld ; den Vitusdans uitgezonderd. Met het aankomen van zyn toeval wierd hy namelyk gewaar eene sterke angst voor het hart, gepaard met benaauwende naar bo. ven werkende winden; brandend zuur, pyn in het voor. hoofd, misselykheid, en op het laatst met het uitbraaken van een vocht zo zuur , dat het hem de tanden stomp deed worden, waardoor ook alles, wat hy nuttigde, een zuuren smaak scheen te hebben. Zo ras hy de aannadering van het toeval bespeurde, durfde hy geen wyn, hoegenaamd, gebruiken, dewyl het kwaad dan zeer spoedig de overhand nam.

In den beginne liet ik hem het volgend middel , 't geen eenige verlichting bezorgde, gebruiken:

RX Extr. 1bfynth. Pont.

01. Tartar. per Deliq. 4 3iij.
Ag. Menth. Piperit, Ziv.
Spir. Nitr. Dulc. 3j.

M.
S. Driemaal 's daags een Eetlepel vol, en daarenbo.

ven 's avonds een opgehoopten Theelepel vol Witte Maga nefia.

Voorts ried ik den Lyder aan, het gebruik van vleesch. spyzen, en verbood hem daarentegen de moeskruiden en vruchten.

Naauwlyks had ik intusschen de voortreffelyke Vera handeling van den Heer RICHTER geleezen, of ik befloot het aangepreezen middel by, myn Lyder te gebruiken. Dan daar dezelve steeds hardlyvig was, oordeelde ik het best, by de overige middelen wat Rhabarber te voegen ; te weeten het poeder van het echte Rheum Palmatum welke plant ik zelve in myn tuin bouwe, en waarvan ik de wortelen uit den grond neeme, na dat zy den ouderdom van vyf jaaren bereikt hebben. Hierom fchreef ik myn Lyder het volgende voor:

[ocr errors]
[ocr errors][merged small]

R Af& Fæt. Opt.

Fell. Taur. Inspiss.
Pulv. Rhei Palmat. dd ZR-

M. F. Pil. gr. iij.
S. Om 's morgens vroeg, en 's avonds, tien Pillen van
in te neemen.

Naauwlyks had de Lyder deeze Pillen een tydlang gebruikt , of hy vond zyn toestand ongemeen veel verbes terd. De zuure smaak verdween geheel en al; de drukking op het hartkolkje keerde niet weder, en de hardheid van den stoelgang wierd aanmerkelyk veel minder. Eerlang kon hy wederom , zonder eenig ongemak, vruchten en moeskruiden, en ook een weinig wyn, gebruiken. Door aan te houden met het middel, verdweenen de aanvallen zyner kwaale, van welke maar alleenlyk dit overbleef, dat hy door maagzuur wierd gekweld, zo hy zich eens in het drinken van Rinfchen wyn te buiten ging. Edoch, wanneer hy in die omstandigheid maar weder zyn toevlucht tot de bewuste Pillen nam , verdween deeze onaangenaamheid zeer spoedig. Allengskens bekwam de Lyder insgelyks een merkelyk opgeruimde geestgesteldheid, en een veel betere kleur van het aangezicht, Wanneer men nagaat alle de verschynselen van zuur en hardlyvigheid, wordt het meer dan waarschynelyk, dat eene gebrekkige Galaffcheiding de hoofdoorzaak der kwaale deezes Lyders is geweest. Dat de genoemde. Pillen, in verbinding met den Rha

bar

1

barber, gelyk RICHTER zegt, in veele gevallen als een Specificum werken , zulks is my by herhaaling gebleeken, gelyk onder anderen door de volgende waarnee. mingen.

Een Vrouwspersoon, ruim dertig jaaren oud, was, al zederd een verloop van drie jaaren tyd, gekweld geweest met Maagpyn, benevens eene langzaame zeer gebrekkige Spysverteering en Maagzwakte, dikwyls verzeld met eene opstopping van afgang, geduurende drie of vier dagen. De gewoone krampstillende middelen, als Costus, Essendia Galbani , Tinctura Thebaica, en diergelyke, verminderden wel de hevigheid der kwaale , doch maar voor een korten tyd. Nadat de Lyderesse nu veelerhande middejen, zonder merkelyk gevolg, gebruikt had, zo liet ik haar 's morgens en 's avonds tien van de meergemelde pillen gebruiken. Toen zy daar mede maar veertien dagen lang had aangehouden, verdween haare Maagpyn: terwyl ook de stoelgang allengskens weeker wierd. thans al zes maanden verloopen , dat deeze Vrouw geene nieuwe aanvallen haarer kwaale gehad heeft. Ook ver. dwynt haare geheele Cachectische gesteldheid: terwyl de doodelyke bleekgeele kleur van het aangezicht met roodvalligheid wordt verwisseld.

Een vyftigjaarig Manspersoon wierd aangetast door hardlyvigheid; zo dat zyn afgang eindelyk eene aschgraauwe kleur bekwam. Natuurlyk deeden my deeze toevallen eene gebrekkige afscheiding der Galle vermoeden, welke door eene krampachtige zamentrekking der vaten scheen verhinderd te worden. Hierom liet ik hem, geduurende den tyd van drie weeken , de aangepreezene Pillen gebruiken, 's morgens en 's avonds tien, volgens gewoonte, met dit gevolg, dat de Lyder ras wederom hersteld wierd.

'Er zyn

WYSGEERIGE AANMERKINGEN OVER DE KOUDE ,. GEVOELD OP HOOGE BERGEN EN IN GROOTE DIEP. TEN. DOOR LEONARD EULER.

MET EENIGE · OPHELDERINGEN. De Prinsesse van e Prinsesse van ANHALT DESSAU , Nigt van

FREDERIK DEN II, Koning van Pruissen, be» geerde van den Wysgeer L. EULER eenige Les.

'99

[ocr errors]
[ocr errors]

99

sen in de Natuurlyke Wysgeerte. Deeze begeerte gaf aanleiding tot de Brieven aan eene Duitsche Prin. fes , over de voornaamste onderwerpen daar toe betrekkelyk. Brieven , die in 't Fransch overgezet werden door de Heeren CONDORCET en DE LA CROIX, en naar die

Overzetting eene Engelsche Vertaaling kreegen, van 9, HENRY HUNTER, D. D. onlangs in Twee Deelen uitge„ geeven ; verrykt met eenige Aantekeningen, zo die in

de Paryssche Uitgave voorkwamen, als die hy zelve 5, vervaardigde, en hem door twee Vrienden werden ter

hand gesteld. Aantekeningen, die niet voor overbodig » mogen gehouden worden, aangemerkt een verloop van » vier en dertig jaaren, die zints de oorspronglyke uit.

gave verstreeken zyn, niet kon missen een overvloed % van nieuwe Waarneemingen en Proeven, ítrekkende s om die zelfs van eenen EULER op te helderen en te

verbeteren, op te leveren. Wy plaatzen uit dít Werk

's Wysgeers Aanmerkingen over de Koude, gevoeld op » hooge Bergen en in grovie Diepten, gepaard met de daar op gemaakte Aantekeningen."

奔 Het is zeer verbaazend, dat wy denzelfden Graad van Koude voelen in alle Gewesten, naa dat wy tot zekere hoogte zyn opgeklommen, naamlyk die van 24,000 Voeten; daar de veranderingen ten opzigte van de Hette op Aarde, niet alleen in ondersche dene Lugtstreeken, maar in hetzelfde Jaar, in de verschillende Jaarsaisoenen , 20 zeer merkbaar zyn.

Deeze verscheidenheid, welke plaats grypt by 's Aard. ryks oppervlakte, wordt ongetwyfeld door de Zon ver. oorzaakt. Het blykt, by den eersten opslage , dat de in. vloed der Zonne dezelfde moet weezen boven en bene. den , inzonderheid wanneer wy in aanmerking neemen dat eene hoogte van 24,000 Voeten, of eene Myl, schoon vry groot ten onzen opzigte, en zelfs ver boven de hoogte der hoogste bergtoppen, als een enkel niet is aan te merken, vergeleeken by den afitand der Zonne, op omtrent dertig millioenen mylen berekend ).

Dit baart, derhalven, eene zwaarigheid van aanbelang , welke wy moeten tragten uit den weg te ruimen. Ten dien

ein

[ocr errors]

(*) Euler spreekt altoos van Duitsche Mylen.

einde maak ik een aanvang met op te merken, dat de straalen der Zonne geene hette aan eenige Lichaamen mededeelen , dan aan de zodanige, die 'er geen vryen doorgang aan verleenen. Gy weet, dat de Lichaamen , doorheen welke wy voorwerpen kunnen beschouwen, den naam draagen van doorschynbaar en doorzigbaar. Deeze Lichaamen zyn Glas, Crystal, Diamant, Water, en verfcheide andere vloeibaare stoffen , schoon eenige doorzigtbaarder zyn dan andere. Een van deeze doorzigtbaare Lichaamen, aan de Zon blootgesteld, wordt niet in dezelf. de maate verwarmd als een niet doorschynend Lichaam, Hout, Yzer, en dergelyke. De niet doorzigtbaare Lichaamen hebben den naam van donkere. Een Brandglas, by voorbeeld, de Zonnestraalen doorlaatende , steekt donkere Lichaamen in brand, terwyl het Glas zelve niet merkbaar verwarmd wordt. Water, aan de zon blootgesteld , wordt eenigermaate warm , enkel omdat het niet volkomen doorschynend is: wanneer wy waarneemen , dat het, in eene groote maate, verwarmd wordt door de Zon op de oevers der rivieren, ontstaat zulks daar uit, dat de bodem, een duister lichaam zynde , verwarmd wordt, door de straalen, welke het water doorlaat. Elk verwarmd Lichaam nu deelt die Hette aan alle lichaamen daar omheenen, mede; het water krygt dus Hette van den bodem. Indien het Water vry diep is, zo dat de Zonnestraalen niet tot den bodem kunnen doordringen , heeft het geene merkbaare hette, schoon de Zon daar op bestendig fchyne.

Naardemaal de Lugt een zeer doorschynend lichaam is, veel doorschynender dan Glas of Water, zo volgt, dat dezelve door de Zon niet kan verhit worden; de Lugt laat de Zonnestraalen onbelemmerd door. De Hette, welke wy in de lugt dikwyls gevoelen, wordt aan de zelve medegedeeld door de donkere Lichaamen, welke de Zonnestraalen verhit hebben; en ware het mogelyk alle deeze Lichaamen uit den weg te ruimen, de Lugt zou naauwlyks eenige verandering in hette of koude ondergaan door de Zonnestraalen; daar aan blootgesteld of niet blootgesteld, zy zou even koud blyven. Maar de Dampkring is niet geheel doorzigtig; dezelve is zomtyds dermaate met dampen belaaden, dat de doorschynenheid te eenemaale verdwynt, en zich alleen een dikke nevel voordoet. Wanneer de Lugt in dien staat is, hebben de MENG, 1798. NO. 2.

E

Zop

« EelmineJätka »